Over provinciale politieke cultuur: bij het opstappen van gedeputeerde De Vries

In november kondigde Ralph de Vries, kersvers gedeputeerde van D66, aan dat hij opstapte. Zijn overwegingen waren aanleiding voor een debat in Provinciale Staten. Hoe kan het nou dat een ervaren gedeputeerde al na zes maanden de handdoek in de ring gooit? Wat zegt dat over onze omgangsvormen en de manier waarop we in Noord-Holland politiek bedrijven? Mijn bijdrage staat hieronder.

Drie weken geleden informeerde Ralph de Vries ons dat hij had besloten om zijn ontslag aan te bieden aan Provinciale Staten. In een openhartige brief laat de heer De Vries ons weten niet langer geloofwaardig te kunnen optreden omdat hij op het dossier wind op land beleid moet verdedigen dat niet bijdraagt aan de noodzakelijke energietransitie in Noord-Holland. Meneer de Vries hekelt in zijn brief de bestuurscultuur van Noord-Holland. “De verhoudingen in Provinciale Staten en tussen Provinciale en Gedeputeerde Staten liggen in Noord-Holland (…) in hoge mate vast. Dit leidt naar mijn idee tot risicomijdend gedrag en het doodbloeden van het debat. Het echte debat op inhoud, dat als politiek cement zou moeten dienen, verdwijnt naar de achtergrond. Wat resteert is een voorspelbaar ritueel”. Natuurlijk respecteert GroenLinks het besluit van meneer De Vries. Tegelijkertijd vinden wij dat zijn vroegtijdig opstappen voor ons als Staten aanleiding moet zijn voor reflectie. Hoe kan het nou dat een ervaren gedeputeerde al na zes maanden de handdoek in de ring gooit? Wat zegt dat over onze omgangsvormen en de manier waarop we in Noord-Holland politiek bedrijven?

Laat ik om te beginnen zeggen dat wij het te makkelijk vinden om het besluit van Ralph de Vries af te doen als niets anders dan een persoonlijk besluit, zoals zijn eigen fractie en GS lijken te doen. Natuurlijk is het indienen van je ontslag uiteindelijk altijd een persoonlijke afweging, maar de overwegingen van meneer De Vries om te komen tot dat besluit gaan ons allemaal aan. GroenLinks kiest er voor die discussie niet uit de weg te gaan en hoopt dat ook de andere partijen in de Staten daartoe bereid zijn.

Het is niet de eerste keer dat we in deze Staten spreken over onze weinig duale bestuurscultuur. Ook de commissie Operatie Schoon Schip concludeerde in 2012 dat er op dat punt een wereld te winnen was. “Provinciale Staten dienen zich bewust te blijven dat macht kan corrumperen en dat het van groot belang is in het debat ook de argumenten van de oppositie toe te laten en deze serieus te nemen. Ook indien dat (politiek) niet uitkomt. Dat is de kern van het dualisme, dat in de provincie Noord Holland wel op papier bestaat, maar in de praktijk niet altijd heeft gefunctioneerd. Dit mede, gedurende onze onderzoeksperiode, door de dominante positie van de VVD(-bestuurders) en de afhankelijke positie van andere bestuurders” (Ondernemend bestuur, p. 134). Juist het ontbreken van een gezonde dosis dualisme is de kern van de observatie van Ralph de Vries over de bestuurscultuur in Noord-Holland. Daar ligt een opgave voor ons allemaal, PS en GS.

Misschien mag ik met negen jaar ervaring in de lokale politiek mijn eigen observaties over de eerste periode in de Staten naast die van de heer De Vries leggen. Ik moet dan tot mijn grote spijt constateren dat zijn analyse van de bestuurscultuur in grote lijnen hout snijdt en dat het debat op inhoud nauwelijks van de grond komt. Wij betreuren dat ten zeerste. Bij de vaststelling van het coalitieakkoord heeft GroenLinks een oproep gedaan voor een open manier van politiek bedrijven. Tot op heden zie wij daar nog weinig van terug. Natuurlijk maak je als coalitie afspraken op hoofdlijnen en overleg je over gevoelige onderwerpen. Maar buiten die afspraken kan er veel meer vrije ruimte worden gecreëerd voor debat. Ik ben oprecht benieuwd hoe andere partijen, juist ook die in de coalitie, daarover denken. Hoe vinden zij dat het gesteld is met het dualisme in Noord-Holland?

Meer dualisme in de Staten, hoe doe je dat. Misschien mag ik daarvoor de vorige fractievoorzitter van GroenLinks, Lene Grooten, citeren. Pikant misschien gezien de persoon die zijn ontslag indient, maar beter dan haar kan ik het niet zeggen. Terugkijkend op haar periode in deze Staten stelde zij in het Binnenlands Bestuur dat meer politiek in de Staten broodnodig was: “Een dualistisch systeem is gebaat bij bestuurders met lef. Dat betekent het doorbreken van de angst voor het politieke. Besturen betekent dat de Staten hun kaderstellende en controlerende rol ten volle mogen spelen. (…) Minder van tevoren vastleggen, een kleine meerderheid laten besturen en elkaar soms een vrije kwestie gunnen: het vereist lef maar komt de scherpte ten goede. Lang leve het politieke debat.” Naast bestuurders met lef willen wij pleiten voor een bestuurscultuur waarin partijen elkaar wat gunnen. Als je elkaar naast de afspraken uit het coalitieakkoord de ruimte gunt om met andere partijen allianties te sluiten dan verlevendigt dat het debat en het versterkt de onderlinge samenhang in PS. Het komt bovendien de kwaliteit van de besluitvorming ten goede omdat je niet automatisch op een meerderheid kunt rekenen.

Andere overheden en andere provincies laten zien dat die ruimte voor debat niet hoeft te leiden tot problemen. GroenLinks wil daarom voorstellen om vooral ook eens bij anderen in de keuken te kijken en met hen het gesprek aan te gaan over de bestuurscultuur. Dat kan bijvoorbeeld door een Statenwerkgroep dualisme in te stellen die gaat kijken hoe het elders gaat, daarover terug rapporteert en met voorstellen oor verbetering komt. Ik hoor graag van mijn collega’s wat zij van dat idee vinden.

Voorzitter, ik ga afronden. Over bestuurscultuur kun je heel lang met elkaar praten, maar uiteindelijk gaat het er natuurlijk om wat we doen. Wij vragen om bestuurders met lef en een cultuur waarin we elkaar wat gunnen. Dat is beter voor ons als Staten, beter voor de besluitvorming en dus uiteindelijk beter voor de inwoners van NH. We kunnen daar vandaag mee beginnen.

Ruimte voor groen, niet voor groei. Eén letter, een wereld van verschil

Afgelopen dinsdag hield ik mijn maiden speech in de Provinciale Staten van Noord-Holland. We bespraken het nieuwe coalitieakkoord van de VVD, D66, PvdA en CDA. Hieronder mijn bijdrage.

Meneer de voorzitter, beste collega Statenleden,

Ik heb me verkiesbaar gesteld voor de Provinciale Staten omdat ik na negen jaar actieve lokale politiek weet hoe dichtbij de provincie soms kan komen. Voor de aanleg van natuur in de buurt en de recreatieve ontsluiting ervan, voor de komst van een toeristisch fietspad door de polder en voor het realiseren van een zonneweide in het buitengebied. De provincie mag misschien het zwarte schaap van bestuurlijk Nederland zijn, het is een bestuurslaag die voor mijn partij GroenLinks cruciaal is. Wij besluiten immers in deze zaal over natuur en groen, over water en luchtkwaliteit en over openbaar vervoer. Wij hebben bovendien de beslissende stem als er moet worden bepaald wat we wel en niet gewenst vinden in ons kwetsbare buitengebied.

Stiekem had ik hoge verwachtingen van het akkoord dat we vandaag bespreken. Misschien naïef, maar de enorme winst van D66 bij de verkiezingen en het scherpe profiel van deze partij op natuur en groen in de campagne had bij mij verwachtingen gewekt. En even dacht ik afgelopen woensdag dat die verwachtingen zouden uitkomen: ruimte voor groen. Oh nee, verkeerd gelezen, ruimte voor groei. Slechts één letter, maar een wereld van verschil. Dat D66 op haar eigen website spreekt over ruimte voor groene groei klinkt als een vorm van berouw, maar u weet: berouw komt na de zonde. Die kosmetische ingreep kan niet verdoezelen dat de natuur het kind van de rekening is in dit akkoord.

Maar laat ik niet vooruit lopen op mijn conclusies en om te beginnen deze coalitie complimenteren met het terugdraaien van een aantal besluiten van de oude coalitie die GroenLinks een doorn in het oog waren. Wij zijn blij dat de bezuiniging op de vrijwilligers in het groen van tafel is en dat het programma cultuureducatie met kwaliteit wordt voortgezet. Dat “nieuw beleid” noemen gaat ons wat ver, maar het belangrijkste is natuurlijk dat hier de fouten van de oude coalitie worden hersteld. Dat is winst. Ook positief zijn wij over de 10 miljoen euro die beschikbaar wordt gesteld voor het verduurzamen van de bestaande bouw en de oprichting van een duurzaamheids- en innovatiefonds voor het MKB. GroenLinks heeft in het verleden herhaaldelijk pogingen ondernomen om het bestaande participatiefonds duurzame economie ook toegankelijk te maken voor deze doelgroep en wij zijn dus blij dat deze inzet nu ook die van die nieuwe coalitie is.

Het zijn lichtpuntjes in een programma dat verder vooral ongelofelijk traditioneel en behoudend is. De titel maakt duidelijk dat economische groei voorop staat en het akkoord vertelt een verhaal waarin de logica is dat je voor banen bedrijven nodig hebt, voor bedrijven bedrijventerreinen, en om die bedrijventerreinen te bereiken een – bij voorkeur twee keer tweebaans – asfaltweg. In de verkiezingscampagne sprak D66 nog over een “asfaltbegroting”. Nou, door nog eens 45 miljoen extra te investeren in grijs wordt dat niet minder, ook niet als je op je website mooie woorden spreekt over groene groei. Het akkoord is vooral een intensivering van bestaand beleid en dus weinig hervormingsgezind. Het is een grijsgedraaide plaat uit de vorige eeuw waarvan toch inmiddels wel bekend is dat het een recept is voor elkaar in steeds sneller tempo opvolgende crises. Geen verhaal dus voor deze eeuw, laat staan voor een duurzame toekomst.

De vraag die wij beantwoordt willen zien is voor welke groei je kiest? Voor welke banen? Voor welke bedrijven? Het lijkt deze coalitie helemaal niets uit te maken. Ons wel. Groei is geen doel op zich: wij willen de kwaliteit van leven verhogen voor onze inwoners. Dat kan goed samengaan met groei, maar niet met alle vormen van groei. Voor welke groei kiest deze coalitie? Voor verdere groei van Schiphol en dus groei van overlast voor omwonenden. Nieuwe woningbouw bij Schiphol mag “voor eigen rekening en risico van de toekomstige bewoners”. Economische groei wint het bij deze coalitie van leefbaarheid. De coalitie kiest voor groei van het bouwblok in het zuidelijk deel van de provincie en dus voor meer megastallen. Economische groei wint het bij deze coalitie van open polders en dierenwelzijn. De coalitie gaat gewoon door met de aanleg van de A8-A9 en de Duinpolderweg ook al waren de PvdA en D66 in de campagne nog bijzonder kritisch over nut en noodzaak van die laatste verbinding. En laten we wel wezen: het geld dat nu beschikbaar wordt gesteld voor nieuw beleid valt in het niet bij deze investeringen in nog meer asfalt. Meer asfalt wint het bij deze coalitie van natuur en groen.

Deze coalitie wil wel investeren in de achterhaalde techniek van Pallas, maar is onduidelijk over de innovatieve techniek van de biovergasser in Alkmaar. Op dat punt zouden wij graag opheldering krijgen van de coalitie. Gaat de provincie nu wel of niet deelnemen aan de biovergasser? Op pagina 22 van het akkoord staat: “Wij zien bijzondere kansen voor een bloeiend cluster op het gebied van biomassavergassing en groen gas in Noord-Holland. Initiatieven, zoals rondom Alkmaar, blijven wij ondersteunen.” Klinkt als een ja. Maar was het niet zo dat die deelname stukliep op de te stringent geformuleerde criteria van het Participatiefonds Duurzame Economie? En daarover lezen we in het akkoord dat het fonds deze periode wordt geëvalueerd. “Of de criteria van het participatiefonds gewijzigd moeten worden, hangt af van deze evaluatie.” (p. 21). Wat is het nou: passen we de criteria aan en gaan we deelnemen aan de biovergasser? Of passen we de criteria niet aan en gaat het groene gas cluster zijn heil in Groningen zoeken. Een duidelijke uitspraak op dit punt zouden wij – en niet wij alleen denk ik – bijzonder op prijs stellen.

Het zijn niet de keuzes van GroenLinks, dat begrijpt u. Wij kiezen onomwonden voor kwaliteit van leven, wonen en werken. Wij kiezen voor groen en natuur, voor open polders en dierenwelzijn en voor leefbaarheid. Niet voor het economisme van de coalitie waar economische groei zaligmakend is, maar voor een ontspannen samenleving die steunt wat van waarde is en kiest voor kwaliteit van leven. Wij denken niet dat cultuur een “’reguliere economische activiteit” (p. 38) is zoals deze coalitie, maar steun verdient ook als de opbrengst ervan niet meteen in euro’s uit te drukken is. Wij willen ruimte voor groen, niet voor richtingloze groei. Groen of groei: één letter, een wereld van verschil.

Wij kiezen voor de fiets en goed en betaalbaar openbaar vervoer voor héél Noord-Holland. Nu zegt u 5 miljoen te investeren in de fiets, maar dat komt uit een reserve waar de Staten 5,2 miljoen ingestopt had. Per saldo is dat toch gewoon een bezuiniging van 200.000 euro? Wij zijn blij met de inventarisatie die u wilt gaan maken van de knelpunten in het fietspadennetwerk zoals wij eerder voorstelden in ons initiatiefvoorstel fiets. Maar wij hadden graag meer ambitie gezien.

Wij willen ruimte voor duurzame energie. De coalitie kiest voor een harde opstelling waar het gaat om wind op land. De 600 meter afstandsgrens en de regeling waarbij voor elke molen die nieuw geplaatst wordt er twee moeten verdwijnen gaan in de uitvoering voor zoveel problemen zorgen dat de doelstelling van het plaatsen van 685,5 MW onherroepelijk in gevaar gaat komen. Wij wensen de nieuwe gedeputeerde Duurzame Energie op dat punt veel wijsheid en sterkte. Zijn eigen partij D66 had juist op dit punt een paar mooie voorstellen opgenomen in het verkiezingsprogramma die blijkbaar gesneuveld zijn in de onderhandelingen. De PvdA was op dit punt toch ook kritisch? Was het voor beide partijen niet belangrijk genoeg? En in welke spagaat komt de D66 gedeputeerde daardoor terecht? Maatwerk voor het stedelijk gebied en afschaffen van de aan bewonersinitiatieven niet uit leggen 2 voor 1 regeling lijkt ons onontkoombaar. Als ze zelf ook dat inzicht komt kan de coalitie op onze steun rekenen.

Wij willen ook ruimte voor natuur. Met de inspanningen van de huidige en vorige coalitie om 250 hectare per jaar te verwerven is het Natuurnetwerk Nederland (NNN) in 2027 niet klaar. Op natuur bezuinigt deze coalitie bovendien fors. Er komt drie miljoen bij in vier jaar tijd maar er wordt 33,6 miljoen uit de Reserve Groen gehaald. Merken we direct iets van dat leeghalen van de Reserve Groen? Nee, waarschijnlijk niet in deze periode. Wel in de periodes daarna, als het NNN afgerond moet worden. Kortzichtig dus en ook nog eens een klassiek geval van potverteren.

Voorzitter, als laatste wil GroenLinks nog iets opmerken over de bestuurscultuur in de provincie. We hopen allereerst dat de komende jaren op een heldere en transparante manier met ons en onze inwoners gecommuniceerd zal worden. Het akkoord is wat dat betreft niet direct hoopgevend. Het staat vol met formuleringen die dermate vaag en algemeen zijn dat je er alle kanten mee op kunt. Ik geef u één voorbeeld. Op pagina 15: “Binnen het Bestuursakkoord pilot Waterlands Wonen bezien wij hoe het best kan worden omgegaan met de afspraak inzake afdracht van een bijdrage uit woningbouw om te kunnen investeren in groene en recreatieve waarden in de voormalige rijksbufferzone”. Misschien mag ik de coalitiepartijen uitnodigen om mee te doen met de volgende multiple choice:

Staat hier nu:

a Waterlands Wonen stopt. Alleen als er een aantoonbare woningbehoefte is, kan er bijgebouwd worden. Het project Bennewerf krijgt geen medewerking van de provincie.

b Waterlands Wonen gaat door maar de eerder overeengekomen bijdrage voor groen en recreatie wordt geschrapt.

c Waterlands Wonen gaat door conform eerdere afspraken: alleen woningbouw als er een bijdrage komt voor groen en recreatie.

 Wie het weet mag het zeggen.

GroenLinks staat voor helderheid en transparante keuzes. Die keuzes maken we dichtbij de leefwereld van onze inwoners. Wij ondersteunen daarom de uitspraak van deze coalitie dat ze burgers wil betrekken bij het beleidsproces van harte. Maar iets meer lef mag van ons wel. Draai het eens om: hoe kan de overheid aansluiten bij maatschappelijke initiatieven en deze versterken? Als dat je eerste vraag is krijg je echte vernieuwing.

Voorzitter, ik kom aan mijn afronding.

Eerder vroeg ik de coalitie om na te denken over de politieke cultuur in de provincie en niet alles voor vier jaar dicht te timmeren. Wij werden tijdens het onderhandelingsproces uitgenodigd om punten in te brengen. Ik heb dat als een uitgestoken hand ervaren, waarvoor dank. Om te laten zien dat we die uitgestoken hand echt serieus nemen zullen wij straks samen met PvdD, CU, OuderpartijNH en 50PLUS een motie indien met input voor de strategische Statenagenda. Ik wil de heer Klein van de CU complimenteren voor het nemen van dit initiatief. Het zijn een aantal punten waarvan wij op basis van de verkiezingsprogramma’s menen te kunnen vaststellen dat er een meerderheid voor is in deze Staten. Een nadere toelichting laat ik graag aan de heer Klein maar ik wil de coalitie natuurlijk alvast van harte uitnodigen de motie te omarmen.

De provinciale politiek is dichterbij mensen dan velen denken. Dat was – zoals ik aan het begin van mijn bijdrage vertelde – mijn motivatie om de komende vier jaar hier met u samen te werken. Ik spreek de hoop uit dat die samenwerking ook geldt voor de coalitiepartijen. Een dichtgetimmerd coalitieakkoord als politiek keurslijf is niet meer van deze tijd. GroenLinks kiest voor een open manier van politiek bedrijven om hier in deze Staten samen met u en met alle Noord-Holanders te werken aan een groene, duurzame en leefbare provincie. Laten we daar vandaag mee beginnen.

Dank u wel.

 

 

Cultuureducatie kind van de rekening

Gisteren mocht ik meedoen aan een debat over provinciaal cultuurbeleid. Volgende week zijn de verkiezingen voor de Provinciale Staten. Eén van de stellingen ging over cultuuronderwijs. Noord-Holland is de enige provincie die heeft besloten geen euro meer te stoppen in dat onderwijs. Een poging van mijn kant om de grote partijen tot andere uitspraken te verleiden strandde in het debat. Het zou geen kerntaak zijn. Nu is dat een heel rekbaar begrip (dat blijkt al uit het feit dat alle andere provincies in Nederland er anders over denken), maar blijkbaar ook een prettige schaamlap om je achter te verschuilen als je ordinair wilt bezuinigen. In de voorbereiding van het debat dacht ik een medestander te kunnen vinden in D66, de partij immers die altijd zegt dé onderwijspartij van Nederland te zijn. Maar in het verkiezingsprogramma van D66 komt het woord cultuuronderwijs en cultuureducatie helemaal niet voor! Echt. 

In de aanloop naar het debat schreven Noord-Hollandse GroenLinksers onderstaand artikel. Wij willen de bezuiniging op cultuuronderwijs terug draaien. Als je cultuuronderwijs belangrijk vindt stem dan op GroenLinks!


Cultuureducatie kind van de rekening


Geen kunst of cultuur meer in je klas. Ver weg wonen van centra voor kunst of cultuur. Voor veel Noord-Hollandse kinderen is dit na volgend jaar een feit. Noord-Holland is straks de enige (!) provincie die niets meer doet aan cultuur op school. GroenLinks vindt die bezuinigingen op cultuur door dit College van GS desastreus

 

Waar gaat het om? ‘Cultuureducatie met Kwaliteit’  helpt basisscholen om voor elke klas een programma op maat te maken; muziek, theater, beeldende kunst, erfgoed etc. Kunstencentra bieden ondersteuning; advies en een website met het aanbod van cultuureducatieprogramma’s en actuele thema’s. Handig voor de leerkrachten, want die hebben al zoveel te doen dat het lastig is om zelf van alles te bedenken. Plein C. van de Cultuurcompagnie helpt dus laagdrempelig én gedreven. De Provincie betaalt maar een klein deel van het totale budget, namelijk 250.000€ van de jaarlijkse kosten van 1,5 miljoen. De rest wordt betaald door het Fonds voor Cultuurparticipatie en de deelnemende gemeenten.

 

Als de Provincie haar bijdrage in 2016 stopt vervalt ook de 760.000 van het Fonds. Dus kom op zegDe kinderen in 26 Noord-Hollandse gemeenten worden nu de dupe van een provincie die haar afspraken niet nakomt. Dat noemen wij gewoon onbehoorlijk bestuurGroenLinks wil het programma in 2016 in elk geval voortzetten.

Jan-Jaap Knol, directeur van het Fonds voor Cultuurparticipatie“Het gaat om een 50/50-regeling tussen het Fonds en de Provincie/Gemeenten. Als de ene helft niet meer betaald wordt, gaat de andere helft ook niet door. Als de gemeenten het aandeel van de Provincie overnemen, is er niets aan de hand. Maar welke Noord-Hollandse gemeente kan in deze tijd van bezuinigingen dit gat vullen?

 

Een rondje langs gemeenteraadsleden laat zien dat dat extra geld er niet is. Daphne Huysse uit Haarlem: Hiervan worden kinderen de dupeen ook organisaties, zoals Hart en het Wereld KinderTheater. Afgelopen jaar stond het water hen al aan de lippen. Extra geld beschikbaar krijgen is totaal niet mogelijk, want er komt al zoveel op gemeentes af, met steeds minder geld erbij.”  Paul Laport“In Zaanstad is de afgelopen jaren fors bezuinigd op de culturele sector. Gelukkig heeft het Zaanse college wel geld uitgetrokken voor Cultuureducatie met kwaliteitDoor de bezuiniging van de provincie komt dat op losse schroeven te staan. Ontzettend jammer dat juist kinderen niet meer van cultuur mogen genieten. En een nieuwe klap voor de culturele organisaties die zich ervoor inzetten.” Ook Christine Ravenhorst uit Hoorn vindt de bezuiniging bij de Provincie onverantwoordelijk: “Gemeenten kunnen het gat niet opvullenHet is overal erg krap. In West Friesland werken zeven gemeenten samen. Stoppen zou toch zonde zijn van al die speelse programma’s in het basisonderwijs?”

 

Stoppen betekent ook geld weggooien, zegt Cultuuravontuur uit Castricum“Als de provincie stopt kan het werk van 3 jaar niet worden afgemaakt. Een groot deel van diinzet voor en door leerkrachten om de kwaliteit van cultuuronderwijs te verbeteren is dan voor niets geweest. We zijn ook gedupeerd door het opheffen van Plein C. Zij zijn onmisbaar voor de ontwikkeling van cultuuronderwijsin Noord-Holland”. 

 

Bij GroenLinks willen we dit echt anders. Wij vinden het belangrijk dat kinderen al op school met kunst en cultuur in aanraking komen. Het gaat om spel en creativiteit, waar veel kinderen buiten school weinig van meekrijgen. Niet iedereen woont in de grote stad of heeft er het geld voor over. Cultuureducatie mag niet het kind van de rekening worden!

 

Alwin Hietbrink, lijsttrekker GroenLinks 

Vera Dalm, kandidaat Statenlid GroenLinks

en Antoinette TanjaStatenlid GroenLinks

 

Onze groene belofte voor Noord-Holland

Gisteren deed ik op Valentijnsdag een Groene Belofte aan Petra Schut, directeur van IVN Noord-Holland en Ernest Briët, directeur van Landschap Noord-Holland. Hieronder mijn oproep voor meer natuur en voldoende ondersteuning van vrijwilligers.

Ik ben een geluksvogel. Ik woon in Egmond aan Zee, in één van de mooiste gemeentes van Noord-Holland. Die gemeente ontleent haar identiteit aan het landschap. Het landschap dat begint met de zee en het strand, dan overgaat in prachtige duinen en bossen om via de beeldschone binnenduinrand uit te komen in eeuwenoude polders. Polders die gelukkig nog steeds open zijn en een weids uitzicht bieden. Ik ben een geluksvogel. Maar ik ben gelukkig niet de enige in NH. Onze provincie heeft veel kenmerkende landschappen die we moeten koesteren en beschermen. De plassen bij Loosdrecht, de heidevelden in het Gooi, het veenweidegebied in Waterland en de duinen in Kennemerland en Texel: natuur waar mensen van heinde en verre naar toe komen omdat het hier zo prachtig is. Wij zijn geluksvogels.

Dat is niet vanzelfsprekend. Natuur en groen staat namelijk onder druk. Onder druk omdat de VVD en het CDA de grenzen tussen het bestaand bebouwd gebied en onze polders maar lastig vindt en wil opheffen. Waarvoor? Voor woningbouw op plekken waar het nu mooi groen is en voor bedrijventerreinen waar geen gegadigden voor zijn. Voor steeds grotere megastallen die steeds intensievere vormen van landbouw en veehouderij mogelijk moeten maken. GroenLinks maakt andere keuzes: voor het openhouden van onze polders, voor woningbouw binnen bestaand bebouwd gebied en tegen nieuwe bedrijventerreinen. Voor nieuwe natuur en een goede bescherming van de natuur die we hebben. Voor een duurzame landbouw die een belangrijke rol kan blijven spelen als beheerder van ons groene buitengebied en als onmisbare schakel in het vergroten van de biodiversiteit in onze provincie.

Want daarmee is het dramatisch gesteld. Volgens recent onderzoek is er in NH nog maar 15% over van de oorspronkelijke biodiversiteit en neemt het aantal soorten nog steeds verder af. 25 tot 30 procent van die soorten dreigt bovendien nog eens te verdwijnen als we niet snel werk maken van het natuurnetwerk in NH. Sinds de jaren ’60 zijn we veertig procent van onze natuur kwijt geraakt! Die ontwikkeling moet een halt worden toegeroepen. Natuurlijk omdat de natuur van zichzelf waarde heeft. Maar ook omdat iedere inwoner van NH een geluksvogel moet blijven, wil blijven genieten van een groene leefomgeving en wil blijven recreëren in natuur die dichtbij is. En ook voor de toeristen die onze provincie bezoeken omdat zij ons ook geluksvogels vinden en willen genieten van al het moois dat ons dagelijks omgeeft.

GroenLinks wil zich de komende jaren inzetten om snel meer natuur te realiseren en meer duurzame landbouw. Omdat het van levensbelang is voor ons en voor onze provincie. Hoe ziet dat er concreet uit? Het is allereerst van belang om natuurgebieden met elkaar te verbinden. Dat doet de provincie in het natuurnetwerk. Nu wordt er elk jaar ongeveer 250 hectare aangekocht en ingericht. Wij willen dat verdubbelen. Elk jaar 500 hectare natuur erbij. Dan is het natuurnetwerk niet pas na 2030 klaar, maar in de helft van de tijd. Bij de huidige gedeputeerde, Jaap Bond, loopt de natuur al jaren een blauwtje: hoog tijd om daar verandering in te brengen!

Wij willen ook meer duurzame landbouw. Omdat de landbouw heel belangrijk is als beheerder van het gebied, maar alleen als het ook goed en dus duurzaam gebeurt. GroenLinks heeft daarvoor een initiatiefvoorstel ingediend. Ook hier moet de vaart erin. De afgelopen periode is er nauwelijks duurzame landbouw bijgekomen, terwijl de zittende coalitie dat wel wilde. Ook hier is het bij mooie beloftes gebleven. Van de meer dan 120.000 hectare landbouwgrond in NH is nu nog geen vijf procent biologisch, terwijl het streven was nu op 7% te zitten. Ook daar willen we verdubbelen. Op naar de 10 % dus!

Al die nieuwe natuur moet ook onderhouden en beheerd worden. En dat doen veel organisaties in onze provincie, organisaties die een beetje geld krijgen maar die vooral heel veel vrijwilligers ondersteunen om onze natuur te beheren en om onze kinderen in te wijden in de wondere wereld van planten en dieren. Naast sneller natuur realiseren en meer duurzame landbouw moet er dus ook meer geld komen voor beheer van die nieuwe natuur. Ook dat willen wij verdubbelen.

En wij willen dat er voldoende geld is voor de ondersteuning van vrijwilligers. Want het kleine bedrag dat er was voor het betrekken van mensen bij groen is door de zittende coalitie weg bezuinigd. Met steun dus van PvdA en D66. Waar ging het om? Om drie procent van de provinciale begroting. Twee? Of één? Nee, om een schamele 0,2 procent van onze begroting. En toch hebben PvdA en D66 ingestemd met het schrappen van dit bedrag. Ik vind dat onbegrijpelijk. De provincie zal de omslag moeten maken naar een overheid die mensen betrekt en dat doe je niet door dit soort bezuinigingen. Het provinciehuis in Haarlem is prachtig maar de krakende vloeren doe me altijd wel een beetje aan de 19e eeuw denken. De meeste gedeputeerden die het er nu voor het zeggen hebben zitten al in de provincie sinds de vorige eeuw. Hoog tijd voor een politiek van de 21e eeuw!

Om onze inzet kracht bij te zetten wil ik vandaag een groene belofte doen aan de inwoners van Noord-Holland. En ik wil die belofte doen aan Ernest en Petra, die beiden de stem vertegenwoordigen van duizenden vrijwilligers met een hart voor groen. Onze inzet voor de verkiezingen is een groene: voor open polders, meer natuur en duurzame landbouw.

IMG_0237-1

De campagne is begonnen!

Vanochtend werd op het provinciehuis in Haarlem de aftrap gegeven voor de Verkiezingen voor de Provinciale Staten op 18 maart. In totaal doen 15 partijen mee aan die verkiezingen. Alle lijsttrekkers mochten zichzelf en hun partij in twee minuten voorstellen. Hieronder mijn bijdrage.

Laat ik beginnen met mijn collega-lijsttrekkers te feliciteren en veel succes te wensen de komende weken. Mijn naam is Alwin Hietbrink, ik ben 45 jaar en woon in Egmond aan Zee in de prachtige kustgemeente Bergen. De afgelopen negen jaar ben ik daar politiek actief geweest voor de lokale afdeling van GroenLinks. Als fractievoorzitter en tot vorig jaar mei als wethouder RO, natuur en landbouw, milieu en duurzaamheid en monumentenzorg. Als wethouder heb ik het belang van de provincie leren waarderen: dé groene bestuurslaag van Nederland, dé plek waar we kunnen zorgen voor het opwekken van voldoende schone energie en waar we besluiten over goed, betaalbaar en aantrekkelijk openbaar vervoer. De provincie heeft bovendien dé beslissende stem als er moet worden bepaald wat we wel en niet gewenst vinden in ons kwetsbare buitengebied. Evenveel GroenLinkse redenen om me de komende vier jaar te willen inzetten voor de provincie.

Onze speerpunten voor de komende periode? Wij willen sneller meer en kwalitatief hoogwaardiger natuur, voldoende ruimte voor het opwekken van schone energie en meer geld voor openbaar vervoer en de fiets. Dat zult u in onze campagne gaan terugzien. Een kleine tip van de campagne sluier wil ik nu wel oplichten. Onze nummer 6 Vincent Koerse, nu nog raadslid in Waterland, gaat de komende weken 1000 kilometer fietsen door onze prachtige provincie en zal met zijn GroenLinks bakfiets alle 51 gemeenten van Noord-Holland doorkruisen. Vincent gaat zijn achternaam dus eer aan doen. Natuurlijk om aandacht te vragen voor onze prachtige landschappen, maar ook om een andere wens van GroenLinks te ondersteunen. Wij willen namelijk dat Noord-Holland dé fietsprovincie van Nederland wordt en zullen daarom deze maand een initiatiefvoorstel indienen die dat doel dichterbij moet brengen. Iedereen is natuurlijk van harte uitgenodigd om Vincent te volgen op zijn NoordHollandse fietsavontuur. Hij zoekt trouwens ook nog een paar logeeradressen, dus meldt u aan. Alles natuurlijk voor een groener en socialer Noord-Holland. Dank u wel.

IMG_0166

Structuurvisie Mooi Bergen 2.0: Een schaamlap voor de bouw van een supermarkt

Toen het college afgelopen september de ontwerp structuurvisie Mooi Bergen 2.0 presenteerde was GroenLinks meteen kritisch over de geplande supermarkt op de Harmonielocatie. Wij vroegen ons af waarom er zo’n supermarkt XL moest komen. En vooral; waarom op die prominente locatie, direct bij de entree van het centrum. Waarom? Die entree is immers het visitekaartje van ons dorp. Terwijl Bergen al meer vierkante meters supermarkt heeft dan vergelijkbare gemeenten. Alleen Zandvoort Centrum ging ons voor. Ging; want als het voorstel dat vanavond voorligt wordt aangenomen is ook dàt verleden tijd.

Het politieke debat was de afgelopen maanden scherp. Inwoners hebben hartstochtelijk gepleit voor uitstel van besluitvorming, voor een andere invulling op de Harmonielocatie en vooral tegen de komst van een supermarkt. Het mocht allemaal niet baten. Helaas, maar het debat ging al lang niet meer over de inhoud; over feiten en argumenten. Meneer Smook van KiesLokaal durfde de afgelopen commissievergadering nog te stellen dat het allemaal zo hoog was opgelopen door de publicatie van “feitelijke onwaarheden over een XL supermarkt door GroenLinks”. Dat de heer Hendriks namens Aldi vastgoed (en die kan het toch weten lijkt ons) zelf aangaf dat een XL supermarkt begint bij 1800 m2 werd niet gehoord. Of neem meneer Halff van D66: die vond dat GroenLinks een “ondergrondse oorlog” (letterlijk zijn woorden) had gevoerd tegen het plan. Blijkbaar denkt D66 dat de invloed van GroenLinks zo groot is dat wij de verzamelde wijkverenigingen van Bergen, de ondernemersvereniging en inmiddels ruim 1650 bezorgde inwoners en bezoekers van Bergen aan een lijntje hebben. Meneer Halff laat ik u gerust stellen: dat hebben wij niet. Wij proberen wel goed te luisteren naar onze inwoners en ze serieus te nemen. Maar, nogmaals, het ging al lang niet meer om feiten en argumenten. Ook het college moet de boodschap verpakken in formuleringen die de waarheid soms geweld aandoen. Zo wordt in een onnavolgbare redenering beargumenteerd dat in het oude plan (MB 1.0) ook al winkels zouden komen op de Harmonielocatie. En als je dan de rooilijn nog een stukje teruglegt “ontstaat er praktisch geen strijdigheid meer met het geldende planologische beleid van uw raad”. Dat kan het college toch niet echt zelf geloven? Er is in het verleden gesproken over dienstverlening op de Harmonielocatie en later zelfs over detailhandel. Maar het college dient zich ervan bewust te zijn dat we een supermarkt in onze bestemmingsplannen apart regelen, juist omdat het een heel zware vorm van bedrijvigheid is. Dit hoort het college te weten. Je kunt dan toch niet met droge ogen beweren dat er “praktisch geen strijdigheid meer is met het bestaande geldende planologische beleid”? Wie denkt het college nou precies voor de gek te houden? Maar we zeiden het al eerder: het gaat al lang niet meer over feiten en argumenten.

Het zal niet als een verrassing komen dat wij vanavond tegen het voorstel van het college stemmen. Omdat wij het bouwvlak op de Harmonielocatie te groot vinden, omdat we de voorgestelde supermarkt op die locatie niet verantwoord vinden en vooral ook omdat de structuurvisie geen enkele houvast biedt voor realisatie van een nieuw en vooral mooier centrum voor Bergen. De noordkant van het gebied moet blijkbaar maar door de markt worden ontwikkeld, inclusief een oplossing van het parkeervraagstuk. GroenLinks heeft daar een hard hoofd in. De voorliggende structuurvisie is geen ruimtelijk beleid voor de toekomst van het dorp Bergen maar een schaamlap voor de bouw van een supermarkt. Daar zullen wij ons niet aan committeren. Wij zullen ook tegenstemmen omdat GroenLinks vindt dat er geluisterd moet worden naar de verzamelde wijkverenigingen van Bergen, de ondernemersvereniging en 1650 bezorgde inwoners en bezoekers van Bergen. Niet om iedereen blindelings zijn zin te geven, maar opdat er een werkelijk Mooier Bergen komt, waar inwoners en bezoekers zich thuis voelen en trots op zijn; een Mooi Bergen dat ‘hun’ Bergen is.

Tot slot wil GroenLinks nogmaals haar zorgen uitspreken over het vervolg. Wij hebben vanaf september aangedrongen op uitstel van besluitvorming om te komen tot een plan dat meer draagvlak heeft. Het college heeft dat keer op keer geweigerd op basis van een redenering rond de grondexploitatie die geen hout snijdt. Ook hier ging het al lang niet meer over feiten en argumenten. Meneer Halff had het over een “ondergrondse oorlog”: de zorg van GroenLinks is dat de besluitvorming van vanavond het begin is van een juridische loopgravenoorlog die onze gemeente heel veel geld en tijd gaat kosten, maar ook de goede naam van ons bestuur zal schaden. Bergen verdient beter: we doen daarom voor de laatste keer een dringend beroep op onze collega’s. Gebruik de positieve energie die er nu bij onze inwoners is om te komen tot een plan met meer draagvlak, voordat die positieve energie omslaat in weerstand waar alleen juristen beter van worden. Kies voor uitstel.

Kansen voor een groen en sociaal Noord-Holland

Afgelopen zaterdag hebben de leden van GroenLinks mij gekozen tot lijsttrekker voor de verkiezingen van de Provinciale Staten in maart 2015. Onderstaande toespraak hield ik aan het einde van de dag. Met een gastoptreden van Mieke Telkamp en Pino.

Waarheen, waarvoor

Een paar weken geleden stond er een kort nieuwsbericht op de website van de Cobouw, een site voor bouwend Nederland. Niet direct mijn favoriete nieuwsbron, maar dit bericht was er niet minder interessant om. De Cobouw meldde namelijk dat de provincie Noord-Holland in één keer 1500 hectare grond heeft gekocht van het Rijk. Die grond is bedoeld voor de afronding van het Natuurnetwerk Nederland, de nieuwe naam voor wat voorheen de ecologische hoofdstructuur heette. Goed nieuws dus en een kans voor een groener Noord-Holland.

Het is er slechts één van vele. De huidige fractie van GroenLinks Noord-Holland lanceerde eerder dit jaar een initiatiefvoorstel om nu eindelijk echt werk te maken van de duurzame landbouw in onze provincie en binnenkort volgt een pleidooi om de fiets ruim baan te geven. Ook daar liggen kansen.

Die zijn er zeker op het gebied van schone energie. Het zittende provinciale bestuur heeft er de afgelopen jaren alles aan gedaan om het draagvlak voor schone energie te verkleinen: eerst een rigide beleid waar de provincie van bovenaf geschikte locaties aanwees, nu onder druk van landelijke doelstellingen een halfslachtige poging waar niets en niemand beter van wordt. En dat terwijl van onderop lokale energiecoöperaties draagvlak creëren en al jaren bij de provincie op de poort kloppen. Een provincie met meer oog voor lokale initiatieven kan op dit punt veel bereiken. Kansen genoeg.

Nog één dan. De provincie heeft heel veel potjes waarin ze geld stopt. Voor economie, voor wonen, voor sociale thema’s en mobiliteit: gemeenten en regio’s maken er graag gebruik van. Maar mensen wonen niet in potjes en samenwerking in de regio versterk je niet door sectoraal denken te stimuleren. Dus: waarom niet al dat geld in één fonds stoppen en regio’s uitdagen om met goede voorstellen te komen. Een fonds waarin een boete staat op voorstellen waarin het gaat over wonen of mobiliteit en een bonus op voorstellen waarin wonen en mobiliteit worden gecombineerd. Kansen genoeg dus.

Maar kansen moet je wel grijpen. En daar ontbreekt het de huidige coalitie aan. De asfaltverslaving van NH begint groteske vormen aan te nemen. Over vier jaar zit niet alleen 55 procent van de begroting vast in het programma bereikbaarheid, we betalen alleen al aan onderhoud van nieuw en bestaand asfalt 8 miljoen euro per jaar meer dan nu. Ik wil jullie vragen: als jullie straks campagne gaan voeren voor de verkiezingen stel dan bij elk voorstel voor nieuw asfalt de vraag “waarheen, waarvoor”. Vraag net als Mieke Telkamp: Waarheen leidt die weg eigenlijk? En waarvoor? Wat heb je aan nieuw asfalt als het je brengt naar een dorp waar het dorpshuis en de laatste kruidenier hun deuren hebben gesloten. Wat heb je aan nieuw asfalt als in dat dorp de lokale energiecoöperatie uit frustratie het bijltje erbij neer heeft gegooid, als zelfs de vrijwilliger wordt wegbezuinigd en onze kinderen geen cultuuronderwijs meer krijgen omdat zelfs de laatste grijpstuiver van de provincie in asfalt is gaan zitten. Wiens kwaliteit van leven is daar mee gediend?

Kan het anders? Ja, natuurlijk. Ik wil jullie daarom voorstellen aan de vreemde vogel achter me. Deze Pino-achtige heb ik vorig jaar ontmoet in de polder bij Schoorl. Ze was daar neergestreken met behulp van Artiance speciaal, een dagbesteding voor mensen met een verstandelijke beperking. Net als ik was ze aanwezig bij de opening van Over ’t Hek, een groot waterbergingsproject in het buitengebied van Bergen.

Maar Over ’t Hek is veel meer dan alleen een waterberging. De waterberging zelf is onderdeel van de ecologische hoofdstructuur en sinds de oplevering weten de vogels het vochtige weidevogelgrasland te vinden. De tureluur en de lepelaar, de kievit en de grutto, verschillende soorten eenden en ganzen: ze zijn allemaal al gesignaleerd dit voorjaar. Daar bovenop wordt in en om de waterberging geboerd door de Noorderhoeve, een biologisch-dynamische zorgboerderij die al actief was in het gebied. Als kers op de taart wordt het Heklaantje – waar het project naar is vernoemd – doorgetrokken als wandelpad zodat er een nieuwe kleinschalige recreatieve voorziening ontstaat.

Over ’t Hek gaat dus over water en natuur, maar ook over biologische landbouw en zorg, cultuur en kleinschalige recreatie. Alles wat ons dierbaar is en wat nu onder druk staat. U hoop dat jullie begin volgend jaar mee op pad willen gaan om een fantastische verkiezingsuitslag te realiseren: en denk dan alsjeblieft aan Mieke, maar vooral ook aan deze vreemde vogel. Dat is waar wij het voor doen en waar wij heen willen! Dat lukt alleen als we samenwerken en dat is hier volop gebeurd. Het hoogheemraadschap, de provincie, de gemeente en de Noorderhoeve: ieder had zijn eigen rol. En de provincie: die bracht geld in en grond. Hoeveel grond? Net iets meer dan 15 hectare. Stel je dan eens voor wat je met die 1500 hectare kunt doen die de provincie net heeft gekocht!

Samenwerking zal ook de sleutel zijn voor een geslaagde campagne: samenwerking tussen onze kandidaten, de campagne-commissie, fractie en bestuur maar vooral natuurlijk met iedereen in de lokale afdelingen.

Waarheen: zes zetels in maart 2015
Waarvoor: voor een groen en sociaal NH

Dank jullie wel!

IMG_0073.JPG

IMG_0078.JPG